Laden...

    Molenverhalen / Frans Verra

    Hij werkte bijna veertig jaar als molenmaker bij Verbij en was als vrijwilig molenaar actief op onder meer de Doeshofmolen en de Meerburgermolen in Leiderdorp. Van 1996 tot 2015 was hij beroepsmolenaar op de molenviergang in Aarlanderveen.

    Gepubliceerd op: 01 augustus 2019
    De Meerburgermolen in Zoeterwoude (Foto PeteBobb CC BY SA)

    Dat Frans Verra (1950) molenaar wilde worden lag niet voor de hand. “Ik kom uit een familie van handelsmensen. Mijn vader heeft kort na de oorlog een grossierderij opgezet. Dat was een zaak in huishoudelijke artikelen: kurken, borstelwerk, papierwaren en zeemleder.” Zijn moeder had andere plannen voor hem. “Maar ja, ik wilde aldoor maar die molens in.”

    Zijn “molengekte” begon in de jaren ’60, toen zijn zus ging trouwen en bij gebrek aan woonruimte de Zijllaanmolen in Leiderdorp kreeg aangeboden. “Die molen stond in desolate staat. Voordat mijn zus en zwager erin konden, moest die eerst gerestaureerd worden. (…) Ik ging toen geregeld kijken en volgde op de voet hoe ze bezig waren. Later, toen mijn zus op de molen woonde, gingen we er regelmatig op bezoek. Er was ook een molenaar die vier uur per maand met de molen moest malen, die werd door de gemeente betaald. Zo is dus mijn belangstelling voor molens ontstaan.”

    Met het “Zuid-Hollands Molenboek” in de hand fietste de jonge Frans door de polders op zoek naar molens. “Door dat boek ging er een wereld voor me open. (…) Ik was gewoon helemaal weg van het molengebeuren. Niet alleen de techniek boeide me mateloos, maar ook de gemalen, de droogmakerij en de bedijkingen. Het in de weer zijn om een polder van water te ontlasten.  Toen wilde ik die molentjes allemaal gaan bekijken. Het boek ging mee op de fiets. Ik bleef wel in de buurt, want per rijwiel was mijn actieradius natuurlijk niet zo groot.”

    Hij was niet overal welkom. “Op de Meerburgermolen ben ik toen nog eens weggestuurd. Ik stond in de deuropening naar de draaiende motor te kijken. Dat had ik nooit eerder gezien, een motor in een molen.” Dat was anders op de Vrouw Vennemolen in Oud Ade. “Ik durfde niet aan te kloppen, want ik was zo verlegen als wat. Molenaar Bram van Seggelen had me al verscheidene malen zien staan en zei op een ogenblik: “Kom jij eens verder kijken, want ik denk dat jij een molenliefhebber bent.” “Ja, dat klopt,” zei ik, “want mijn zuster woont op een molen.” “Zou het dan niet leuk zijn als je molenaar zou worden?”, vroeg hij. “Ja, natuurlijk”, antwoordde ik, niet wetend dat het ooit zo ver zou komen.”

    Het nadeel van het molenvak is dat het vuil werk is, aldus Verra. “Daarom vond mijn moeder het vroeger maar niks. Altijd vuile handen, vieze kleren. Bovendien moest zij altijd die vuile overalls wassen. Ik was heel vaak met vet, roest, carbolineum, koolteer en Black Varnish in de weer. Ik heb blikken weggesmeerd van die rotzooi in mijn molenmakers- en molenaarscarrière. Soms kon ik mijn overalls zó rechtop in de hoek zetten, zo smerig waren die.”

    Lees het volledige verhaal

    Het molenverhaal van Frans Verra (PDF)

    Molenverhalen Frans Verra.pdf
    Reageren

    Laat een reactie achter 0 berichten

    Reactie achterlaten

    Deze website maakt gebruik van cookies

    Deze website toont video’s van YouTube. Deze partij plaatst cookies (third party cookies). Als u deze cookies niet wilt, dan kunt u dat hier aangeven. U kunt dan geen video’s op deze website zien. Wij plaatsen zelf ook cookies om onze site te verbeteren. Deze gegevens worden niet aan derden verstrekt.

    Deze website toont video’s van YouTube. Deze partij plaatst cookies (third party cookies). Als u deze cookies niet wilt, dan kunt u dat hier aangeven. U kunt dan geen video’s op deze website zien.